In onze praktijk wordt sinds mei 2008 een nieuw type CT in gebruik genomen. De Cone-beam CT (CBCT) van het merk KODAK laat toe om patiënten in staande houding te scannen. Dit is het eerste exemplaar van dit type in Arnhem. Gezien het hier om een nieuwe techniek gaat, wensen we deze toch even toe te lichten
Toepassingen, voordelen en nadelen.
Het grote voordeel van de Cone-beam CT is de indrukwekkende vermindering van de stralingsdosis. De dosis is zestig keer kleiner dan de vroeger routinematig gebruikte stralingsdosis en zes keer lager dan ‘lage dosis CT’.
Gezien slechts één rotatie van stralenbron en 2D-detector rond het hoofd van de patiënt nodig is kan de onderzoeksduur ook sterk beperkt worden. Een routineonderzoek duurt slechts 20-30 seconden, afhankelijk van de resolutie onderzoek.
De introductie van de Cone-beam CT maakt dan ook een routine 3D-planning toegankelijk en ethisch verantwoord voor implantologische en gecombineerde orthodontisch-chirurgische ingrepen bij elke patiënt. Een bijkomend voordeel is dat er bij een Cone-beam CT minder artefacten zijn ter hoogte van de tandbogen, bijvoorbeeld veroorzaakt door tandvullingen of orthodontische slotjes. Bovendien kunnen objectieve metingen van zowel de weke delen als de onderliggende beenderige structuren voor en na de ingreep uitgevoerd worden en evidence-based data opleveren.
Gezien het beperkte oppervlak van de detector en de zwakkere stralenbron blijven de toepassingen vandaag beperkt tot het onderzoek van botstructuren zoals de aangezichtsschedel, sinussen, onderkaak en bovenkaak (dentascan) en kaakkopjes
Cone-beam CT versus klassieke CT
Bij een klassieke CT scanner maakt de detector één dimensionale (1D) projecties nadat de stralenbundel door het lichaam gepasseerd is. Als de röntgenbuis en detector van de klassieke CT-scanner 360° rond het lichaam van de patiënt roteren, kan men 2D-projecties bekomen. De term ‘volume CT’ duidde bij klassieke CT-scanners op de 3D-visualisatie van een voorwerp. Die visualisatie werd mogelijk nadat verschillende aanliggende (of uit een spiraalscan bekomen) 2D-beelden of projecties werden samengevoegd. Echte ‘volume
CT-scanning’ werd pas mogelijk met de komst van de Cone-beam CT. Bij dit type scanner wordt de stralenbundel van een ‘waaiervorm’ breder geopend tot een bundel met 'conus’of ‘piramidale’ vorm. Deze bundel wordt na doorgang door het lichaam geprojecteerd op een 2D-detector (flat panel cesium iodide detector van 20 x 25 cm) in plaats van op een 1D-detector. Wanneer stralenbron en 2D-detector ook nog een rotatie van 360° rond het lichaam maken kan men meerdere 2D-projecties bekomen. Met behulp van speciale reconstructietechnieken leveren die een 3D-volume op, dat gelijk is aan de vele aanliggende beelden die met een klassieke CT werden bekomen.
